Art deco is terug in huis: kleuren, materialen en hoe je het niet te zwaar maakt

Woonkamer met donkergroene muur, fluwelen fauteuil, messing lamp en ronde spiegel

Honderd jaar na de grote tentoonstelling in Parijs waar de stijl zijn naam aan dankt, is art deco terug in de woonwinkels. Geometrische vormen, donker hout, diepe kleuren, messing en spiegels duiken op in de nieuwe collecties. De Belgische bouw- en woonbeurs Batibouw schreef op 12 oktober een uitgebreid stuk over de comeback, met een duidelijke boodschap. Je hoeft je woonkamer niet om te bouwen tot een decor uit de jaren twintig. Een paar goed gekozen elementen zijn genoeg, en daar gaat het hier om.

Waar art deco vandaan komt

De stijl had zijn hoogtijdagen tussen de twee wereldoorlogen. De naam verwijst naar de Exposition internationale des arts décoratifs et industriels modernes, die in 1925 in Parijs werd gehouden. In België is de stijl nooit helemaal weggeweest, met gebouwen als Villa Empain en het Paleis voor Schone Kunsten in Brussel. Het Brussels Gewest riep 2025 zelfs uit tot jaar van de art deco. In Nederland ken je de stijl misschien van het Tuschinski Theater in Amsterdam of van de sierlijke details in portiekwoningen uit de jaren twintig en dertig.

Dat de stijl nu terugkomt, is logisch. Na jaren van strak, wit en minimalistisch is er weer ruimte voor warmte, kleur en decoratie. Art deco brengt dat, maar met een strakke basis van symmetrie en heldere lijnen. Het is decoratief zonder rommelig te worden, en dat maakt het makkelijker te combineren dan je zou denken.

De herkenbare elementen

Een paar kenmerken maken een interieur herkenbaar art deco. Je hoeft ze niet allemaal te gebruiken, een of twee is genoeg.

  • Geometrische vormen. Waaiers, bogen, zigzaglijnen, getrapte motieven en symmetrische patronen, in behang, tegels, vloerkleden of de vorm van een spiegel.
  • Diepe kleuren. Smaragdgroen, nachtblauw, bordeaux, oker en zwart, vaak gecombineerd met goud, messing of koper.
  • Rijke materialen. Donker hout zoals noten of mahonie, marmer, fluweel, glas en gepolijst metaal.
  • Ronde lijnen in meubels. Fauteuils met gebogen rugleuningen, ronde spiegels en dressoirs met afgeronde hoeken.

Combinaties die werken

De truc is één sterk element kiezen en de rest rustig houden. Batibouw zegt het ook, één grafische muur kan al genoeg zijn om de sfeer te bepalen. Een paar combinaties die wij in een gewoon Nederlands huis zouden proberen.

Groen met messing en eiken. Schilder de muur achter de bank diep smaragdgroen, laat de andere muren licht, en zet er een messing staande lamp naast. Je bestaande eiken vloer of tafel zorgt voor warmte. Dit is de meest toegankelijke manier om art deco te proberen, omdat je met een pot verf begint.

Nachtblauw met fluweel en een ronde spiegel. Een nachtblauwe fluwelen fauteuil, een ronde spiegel met een dunne gouden rand erboven en een vloerkleed met een eenvoudig geometrisch patroon. Hoe je fluweel gebruikt zonder dat het zwaar wordt, beschreven we in ons stuk over fluweel dit najaar.

Zwart en wit met een waaiermotief. In een badkamer of hal werken zwart-witte tegels in een waaier- of visgraatpatroon heel goed, gecombineerd met messing kranen of een messing lamp. Dit geeft de stijl een grafisch, bijna strak karakter.

Donker hout met marmer. Een donker houten dressoir met afgeronde hoeken, met daarop een paar marmeren accessoires of een marmeren lamp. Marmer hoeft niet echt te zijn, een goede imitatie doet hetzelfde.

Zo maak je het niet te zwaar

Art deco kan al snel te veel worden. Te veel goud, te veel patronen en te veel donkere kleuren maken een kamer benauwd, zeker in een Nederlands rijtjeshuis met beperkt daglicht. Een paar vuistregels houden het licht.

  • Houd het plafond licht, ook als je een muur donker schildert. Dat geeft lucht.
  • Kies één metaal, bijvoorbeeld messing, en gebruik dat consequent. Messing naast chroom naast koper wordt onrustig.
  • Combineer maximaal één patroon per ruimte met effen vlakken eromheen.
  • Laat genoeg lege ruimte op muren en dressoirs. Art deco draait om strakke lijnen, en die zie je alleen als er niet te veel omheen staat.
  • Meng het met moderne stukken. Een art deco spiegel boven een eenvoudige moderne bank ziet er frisser uit dan een complete set in dezelfde stijl.

Behang is volgens Batibouw een van de makkelijkste manieren om te beginnen. Kies dan voor één muur met een grafisch motief in plaats van de hele kamer. Wie liever met textuur dan met patroon werkt, vindt ideeën in ons stuk over muren bekleden met stof.

Art deco-accessoires vind je bij de grote woonketens, maar juist bij deze stijl loont het om ook in kringloopwinkels en op tweedehandsplatforms te kijken. Echte oude spiegels, lampen en kastjes uit de jaren twintig en dertig duiken daar regelmatig op, en die hebben het karakter dat een nieuw stuk niet kan namaken. Ons advies is om met één ding te beginnen, een muur, een lamp of een spiegel, en het een paar weken te laten staan voordat je verder gaat. Dan merk je vanzelf of je meer wilt, of dat dat ene stuk precies genoeg is.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

WonenWonen