Kinderkamer die meegroeit: zo richt je hem in voor jaren in plaats van maanden
Een kinderkamer verandert sneller dan elke andere kamer in huis. Het ledikant maakt plaats voor een bed, de speelmat voor een bureau, en het behang met dieren is ineens kinderachtig. Wie bij elke fase opnieuw begint, koopt in tien jaar drie kamers. Dat kan anders. Een kamer die meegroeit, begint niet met het mooiste meubel voor nu, maar met de vraag welk deel van de kamer jaren moet blijven staan en welk deel straks gewoon mag wisselen.
Denk in drie lagen
De handigste manier om een meegroeiende kinderkamer te plannen, is de kamer op te delen naar hoe lang iets meegaat. Dan zie je meteen waar je geld moet zitten en waar je juist goedkoop kunt blijven.
De vaste laag is alles wat je liefst maar één keer koopt. Het bed, de grote kast, de vloer en de basiskleur op de muren. Dit is de laag die het hele verhaal draagt, en die laag kies je niet voor een peuter maar voor een kind van tien.
De middelste laag past zich aan. Een bureau dat in hoogte verstelt, een opbergsysteem met losse bakken en planken die je verhangt, een lamp die van nachtlampje naar leeslamp gaat. Deze meubels groeien mee doordat je ze anders instelt of anders inzet.
De wissellaag is wat mag verdwijnen. Beddengoed, posters, een vloerkleed, kussens, de knuffels op de plank en de thema’s waar je kind nu helemaal in zit. Hier mag het kind zelf kiezen, en hier geef je weinig uit, omdat het over twee jaar toch weer anders is.
De vaste laag: bed, kast en muren
Het bed is de grootste beslissing. Een peuterbed of juniorbed is mooi op maat, maar het is ook het eerste meubel dat te klein wordt. Er zijn bedden die in lengte uitschuiven en zo een paar jaar meegaan. Het alternatief is direct een gewoon eenpersoonsbed met een laag frame, zodat je kind er zelf in en uit kan. Dat bed hoeft daarna niet meer weg. Een uitschuifbaar bed of groeibed is dus vooral slim als de kamer klein is en elke centimeter vloer telt.
Een hoogslaper of stapelbed lijkt de ideale meegroeier, maar is voor jonge kinderen niet de eerste keus. VeiligheidNL wijst erop dat een val uit een hoog bed de kans op ernstig letsel vergroot. Kies je er toch voor, dan moet er een voldoende hoge rand omheen zitten, mag er geen ruimte tussen matras en rand zijn en hoort het trapje stevig te zijn met een leuning. Wie er later naartoe wil, kan beter een bed kiezen dat op twee hoogtes kan staan dan nu al het hoogste model.
Voor de kast geldt hetzelfde principe. Een kast met een indeling die je kunt veranderen gaat het langst mee. Eerst manden onderin voor speelgoed, later legplanken voor kleding en een roede op een hoogte waar je kind zelf bij kan. Een smalle kindercommode met vrolijke knoppen is leuk tot de basisschool, een gewone kast met neutrale fronten is na tien jaar nog steeds een kast.
De muren zijn de vaste laag die het snelst gedateerd raakt. Een rustige basiskleur houdt de kamer bruikbaar, terwijl je de kleur van de wissellaag laat komen. Wil je toch iets uitgesprokens, beperk het dan tot een wand of een vlak achter het bed. Dat overschilder je in een middag. Hoe kleur een kleine kamer ruimer of juist knusser maakt, lees je in een kleine kamer groter laten lijken met verf.
De middelste laag: werken, opbergen en licht
De speelhoek wordt vanzelf een werkplek. Wie daar vooraf rekening mee houdt, reserveert bij het inrichten al de plek waar later een bureau komt, het liefst bij het raam. In de jaren daarvoor staat er een speeltafel of een lage kast met knutselspullen. Een bureau dat in hoogte verstelt, gaat van de eerste tekeningen tot het huiswerk op de middelbare school mee, en een stoel met verstelbare zithoogte maakt dat compleet.
Bij opbergen gaat het om bereik. Een jong kind ruimt alleen op wat het zelf kan pakken en terugzetten. Dus onderin open bakken en lage planken, bovenin wat ouders beheren. Naarmate je kind groeit, schuift dat omhoog. Planken aan een wandrail of een systeem met losse vakken maakt die verschuiving makkelijk, omdat je niets hoeft weg te gooien, alleen te verhangen.
Licht groeit het meest onopvallend mee. Een gedimde lamp bij het bed is voor een peuter een nachtlampje en voor een tiener een leeslamp. Een bureaulamp komt erbij zodra er huiswerk is. Plaats de stopcontacten daarom bij het inrichten al op de plekken waar later een bureau en een bedlampje komen.
De wissellaag: laat het kind kiezen
Dit is de laag waar de kamer echt van het kind wordt. Een dinosaurusdekbed, posters van de favoriete band, een vloerkleed in een kleur die jij nooit zou kiezen. Omdat de vaste laag rustig is, kan de wissellaag uitbundig zijn zonder dat de kamer onrustig wordt. En als de smaak verandert, vervang je een dekbedovertrek en een paar posters, niet de kamer. Ophangen zonder te veel gaten in de muur gaat met een fotorail of een prikbord, en voor de hoogte en de juiste haak is ons stuk over schilderijen ophangen handig.
Een vloerkleed hoort ook in deze laag. Het geeft een speelplek op de grond en bakent later een hoek met een zitzak af. Vloerkleden voor kinderen kunnen vrolijk zijn, zolang je weet dat je ze over een paar jaar weer vervangt. Ideeën staan in ons stuk over een kinderkleed in de kinderkamer.
Wat je overslaat
Een complete themakamer, met bijpassend bed, behang en meubels, is het duidelijkste voorbeeld van een kamer voor maanden in plaats van jaren. Het thema zit dan in de vaste laag, en daar hoort het niet. Hetzelfde geldt voor meubels in kindermaat die niets anders kunnen, zoals een bed in de vorm van een auto of een kast als poppenhuis. Daar zit geen tweede leven in.
Krijgen twee kinderen samen een kamer, dan werkt hetzelfde idee in drie lagen, maar dan met een eigen plek per kind. Hoe je dat aanpakt, met bedopstellingen en opbergen per kind, lees je in een gedeelde kinderkamer inrichten. De rode draad blijft dezelfde. Koop het vaste deel voor het kind dat er over tien jaar slaapt, en laat het kind van nu de rest bepalen.
