Oude interieurregels die jonge kopers loslaten, en welke je beter houdt
Elke generatie krijgt interieurregels mee van de vorige. De bankstel en de fauteuils horen bij elkaar. De muren zijn wit of gebroken wit. De mooie kamer is voor als er visite komt. Het Amerikaanse House Beautiful vroeg interieurontwerpers welke van die regels de generatie die nu tussen de dertig en de vijfenveertig is massaal loslaat. Het antwoord is een lange lijst, en het meeste ervan zie je in Nederland net zo.
Een ontwerpster vat het samen. Na een pandemie, thuiswerken en hoge woonlasten werd het huis alles tegelijk, kantoor, toevluchtsoord en plek om vrienden te zien. Als een huis zoveel moet doen, gaat het vanzelf meer lijken op de mensen die erin wonen.
Maar niet elke oude regel was onzin. Hieronder staat welke terecht verdwijnen, en welke je beter kunt houden.
Regels die terecht verdwijnen
Inrichten voor de visite. De generatie van onze ouders had een voorkamer die nooit gebruikt werd en het goede servies in de vitrinekast. Ontwerpers zien dat volledig verdwijnen. Mensen gebruiken het mooie servies op dinsdag en zitten gewoon op de goede bank. Terecht, vinden wij. Een kamer die je niet gebruikt, kost ruimte en verwarming, en in een Nederlands huis is ruimte te kostbaar.
Alles in één set kopen. De slaapkamer van de meubelboulevard, met bed, nachtkastjes en ladekast in exact hetzelfde hout. Volgens een ontwerpster weet deze generatie dat dat niet meer hoeft, en combineert ze stukken die bij elkaar passen zonder gelijk te zijn. Dat geldt zelfs voor servies. Wij zijn het daar helemaal mee eens, met één voorwaarde. Zorg voor een rode draad, zoals dezelfde houttint of een terugkerende kleur. Anders wordt verzameld al snel rommelig.
Kamers met een vaste functie. Waar vroeger een eetkamer, een zitkamer en een logeerkamer waren, zie je nu een leeshoek, een koffiehoek of een luisterhoek. Ontwerpers krijgen vragen om plekken waar je alleen maar even hoeft te zijn. Dat sluit aan bij wat we zagen bij de luisterkamer.
Apparaten wegwerken. Een luxe keuken had alles ingebouwd achter fronten. Nu zetten mensen een mooie koelkast of een opvallend fornuis juist in het zicht. Een ontwerpster zegt het eenvoudig. Gebruik je het elke dag, dan mag het ook mooi en bereikbaar zijn. Dit is een regel die wij met een kanttekening loslaten. Een mooi apparaat in het zicht is prima, een rij losse keukenapparaten op het aanrecht maakt een keuken druk.
Wit en neutraal is veilig. Witte muren, beige banken en weinig persoonlijke spullen worden gezien als saai en onpersoonlijk. Deze generatie wil kleur, patroon en dingen met een verhaal, zoals oma’s schilderij naast iets van de markt. Wij zijn blij met deze. Een neutraal huis is niet tijdloos, het is vaak gewoon leeg.
Alles in één keer inrichten. Een huis vul je niet in een weekend, en dat hoeft ook niet. Ontwerpers zien steeds meer mensen die rustig verzamelen en ruimte laten voor de stoel die ze op vakantie nog tegenkomen. Dat is ook de reden dat een nieuwbouwhuis vaak kaal voelt, zoals we beschreven in ons stuk over oude spullen in een nieuw huis.
Duur is beter. Een vintage vondst voor weinig geld heeft voor veel jonge kopers meer waarde dan een dure designklassieker, omdat het iets zegt over hun smaak en de zoektocht ernaartoe. Terecht, al zouden wij er één ding aan toevoegen. Een bank of een bed waar je elke dag op zit of ligt, mag best wat kosten.
Het plafond is wit. Ook die regel verdwijnt. Ontwerpers zien plafonds in kleur, met hout, behang of kalkverf. Een van hen merkt op dat een kamer soms juist groter voelt als je hem knusser maakt. Dat werkt goed in hoge kamers, in lage kamers is het een afweging.
Regels die je beter houdt
Niet alles uit het oude boekje was gedateerd. Vier regels zijn nog net zo bruikbaar als vroeger.
Licht komt van meer plekken dan het plafond. Een kamer met alleen een plafondlamp voelt kil, ook als de rest persoonlijk is. Staande lampen, tafellampen en een lamp boven de tafel maken het verschil. Hoe je dat opbouwt, staat in ons stuk over het verlichtingsplan voor de woonkamer.
Een vloerkleed is groter dan je denkt. Een te klein kleed dat als een postzegel midden in de kamer ligt, maakt elk interieur goedkoper. De oude regel dat in elk geval de voorpoten van de meubels erop staan, klopt nog steeds.
Laat looproutes vrij. Een verzameld interieur vraagt juist om ruimte eromheen. Hoe meer verschillende stukken, hoe belangrijker het is dat je er niet langs hoeft te schuifelen.
Kwaliteit waar je het voelt. De generatie van onze ouders kocht een bank voor twintig jaar. Dat was niet ouderwets maar verstandig. Combineer gerust een vintage bijzettafel met een nieuwe lamp, maar bespaar niet op wat je elke dag gebruikt.
En als je ooit wilt verkopen?
De Amerikaanse ontwerpers zeggen dat jonge kopers niet meer inrichten met het oog op doorverkoop. Voor de inrichting zelf is dat logisch, want meubels en kleur gaan mee of worden overgeschilderd. Voor wat vastzit ligt het anders. Een badkamer in een uitgesproken kleur of een keuken in een trendkleur kan bij verkoop wel tegen je werken. Ons advies is om je persoonlijkheid vooral kwijt te kunnen in wat je mee kunt nemen, en de vaste dingen rustig te houden. Dan heb je het beste van allebei.
